Onderzoek en ontwikkeling Marnix Academie

Wij vinden het belangrijk om als hogeschool bij te dragen aan de ontwikkeling en verbetering van het onderwijs. Dat realiseren we via de lectoraten en door het doen van onderzoek door docenten, studenten en onze partners in het basisonderwijs.

Het Marnix Innovatiecentrum

Het Marnix Innovatiecentrum, MIC, is een ‘centre of expertise voor leren en onderwijzen in de 21e eeuw’. Het centrum gaat ervan uit dat het doen van onderzoek geen doel op zich is, maar altijd middel is om tot duurzaam kwalitatief goed onderwijs en innovatie te komen. De grove kaders van onderzoek zijn de volgende:

  • Het onderwerp van onderzoek heeft betrekking op het leren en onderwijzen in de 21e eeuw;
  • Er wordt gewerkt in de ‘gouden’ driehoek beroepspraktijk  – opleidingspraktijk – kenniscentrum/onderzoek;
  • De onderzoeksvraag is altijd uit de praktijk (beroeps- of opleidingspraktijk) afkomstig;
  • De (vermoedelijke / mogelijke) opbrengst van het onderzoek moet bijdragen aan innovatie van de onderwijspraktijk;
  • Er is een voorkeur voor praktijknabij ‘experimenteel’ ontwerponderzoek.

Lectoren die deel uitmaken van het MIC: Stella van der Wal-Maris, lector Toekomstgericht Onderwijs en Arienne van Staveren, lector Leren en Innoveren.

Hieronder een overzicht van recent afgeronde onderzoekstrajecten:

Lectoraten

Het lectoraat wil de ontwikkeling en verbetering van leiderschap in het onderwijs bevorderen. Speciale aandacht gaat uit naar de rol van waarden in het leiderschap.

Het begrip waarden wordt daarbij breed geïnterpreteerd. Waarden hebben betrekking op betekenisgeving, op ideeën over wat goed en slecht is en hoe je daar als onderwijsprofessional of onderwijsorganisatie vorm aan kunt geven. Naast interne en externe onderzoeksdata zijn waarden een belangrijke bron om richting te geven aan besluitvorming en acties. 

Het onderzoek naar waardegericht leiderschap wordt verricht vanuit een kenniskring, in samenwerking met scholen. De onderzoekers in de kenniskring zijn afkomstig uit de verschillende hogescholen van Penta Nova en uit het primair en voortgezet onderwijs (schoolleiders en bestuurders). De kenniskring is in september 2018 gestart. 

Met ons onderzoek willen we schoolleiders po, vo en mbo ondersteunen bij het ontwikkelen en verder vormgeven van waardegericht leiderschap. Bij het omgaan met hedendaagse praktijkvraagstukken en dilemma’s spelen waarden een belangrijke rol. Voorbeelden van dergelijke praktijkvragen zijn: hoe draag ik als schoolleider bij aan verbinding in een context van diversiteit, hoe ga ik om met conflicterende waarden in mijn organisatie, hoe breng ik balans tussen het belang van de organisatie en het belang van het individu, hoe ga ik om met aan botsende waarden van leerlingen, ouders en leraren, hoe geven we vorm aan een waardegerichte dialoog als wegkijken geen optie meer is?

Het lectoraat wil een centrum zijn voor schoolleiders waar door middel van (praktijk)onderzoek kennis wordt gecreëerd, waar kennis wordt verspreid, en waar deling van kennis en ervaringen plaatsvindt. Daarnaast levert het lectoraat een bijdrage aan het ontwikkelen van de opleidingen van Penta Nova, in het bijzonder aan de Master Educational Leadership.

Over de lector

Dr. Inge Andersen is lector ‘waardegericht leiderschap’. Zij is eveneens academic director van de master Educational Leadership. Eerder werkte ze als onderzoeker, opleider en adviseur bij diverse organisaties. Samen met dr. Meta Krüger heeft ze het beroepsprofiel ontwikkeld voor het schoolleidersregister. In 1996 promoveerde ze op Teacher isolation in primary schools.

Over de associate lector

Dr. Lisette Uiterwijk is als associate lector verbonden aan het lectoraat en is tevens opleidingscoördinator van de master Educational Leadership. Daarnaast is zij senior onderwijsadviseur bij het Marnix Onderwijscentrum en kennismakelaar bij de NRO Kennisrotonde, het online loket voor beantwoording van vragen uit het onderwijs naar kennis uit onderzoek. In 2017 promoveerde zij op het onderwerp Onderzoeksmatig leiden en leren in het basisonderwijs.

Onderzoekers kenniskring

Ellie van der Geest, Hogeschool Leiden
Ria de Gooijer, Hogeschool Inholland
Heleen den Herder-Bakker, Christelijke Hogeschool Ede
Henriëtte Hoogenkamp, Marnix Academie in Utrecht
Gerbrand Kloppenburg, Hogeschool Viaa in Zwolle
Gerlo Teunis, Stichting PCO Noord Twente
Kees van der Vloed, Driestar Hogeschool in Gouda

Publicaties

Lectorale rede 'Leiders van betekenis
Op 3 juli 2019 werd Inge Andersen geïnstalleerd als lector Leiderschap in het onderwijs bij Penta Nova. Zij sprak die dag haar rede uit met als titel 'Leiders van betekenis'. De rede is nu ook in gedrukte vorm beschikbaar. U kunt een gedrukt exemplaar bestellen bij het secretariaat van Penta Nova: info@pentanova.nl

Een handleiding voor waardegericht leiderschap
In het lectoraat Leidinggeven in het onderwijs van Penta Nova is een vooronderzoek gedaan naar wat schoolleiders onder waardegericht leiderschap verstaan. Dat de ideeën hierover nogal uiteen lopen komt naar voren in het artikel dat Henriëtte Hoogenkamp en Lisette Uiterwijk hierover schreven in BSM (Basisschoolmanagement). 

Waardegericht leiderschap: hoezo?
Dit artikel gaat over een verkennend onderzoek dat leden van het lectoraat hebben uitgevoerd onder leidinggevenden in verschillende sectoren van het onderwijs. Zij onderzochten welke vraagstukken leven onder schoolleiders, wat de link is met waardegericht leiderschap en welke richting het onderzoek van het lectoraat op zou moeten gaan volgens deze schoolleiders. 

Waardegericht leiderschap
In dit artikel wordt gesteld dat de tijd vraagt om een ander leiderschap dat stil staat bij waar mensen belang aan hechten. Doordachte keuzes vragen om stilstaan bij het ‘waartoe’ en het bespreekbaar maken van vraagstukken en onderliggende waarden. 

Binnen het nieuwe lectoraat ‘Toekomstgericht Onderwijs’ wordt toekomstgericht onderwijs gedefinieerd als onderwijs dat leerlingen in staat stelt kennis, vaardigheden en een houding te verwerven die ze nodig hebben om actief zelfstandig en met anderen vorm te geven aan hun persoonlijke ontwikkeling en aan de maatschappij waarin ze (willen) leven. Hierbij zijn persoonsvorming, burgerschapsvorming en de invloed van een snel digitaliserende wereld belangrijke thema’s.

Start

Op 10 mei 2019 hield lector Stella van der Wal-Maris haar lectorale rede waarmee het nieuwe lectoraat ‘Toekomstgericht Onderwijs’ officieel van start ging. Tijdens de rede werden opvattingen ten aanzien van toekomstgericht onderwijs en plannen voor de toekomst uitgedragen en geëxpliciteerd, en werd geschetst wat er al in gang is gezet. 

Onderzoek

De lector gaat leiding geven aan onderzoek op het terrein van toekomstgericht onderwijs. Het lectoraat verricht praktijkgericht onderzoek, waarbij in nauwe samenwerking met collega’s, studenten en werkveld kennis wordt ontwikkeld en gedeeld. Momenteel wordt er een onderzoeksgroep ‘Sociaal Ondernemerschap in het Onderwijs’ ingericht. Met het instellen van deze onderzoeksgroep wil het lectoraat een bijdrage leveren aan het vormgeven van ‘Education for Sustainable Development’, onderwijs dat zich richt op duurzame ontwikkeling. Het lectoraat sluit hiermee aan op een belangrijke Unesco-doelstelling en op het strategisch plan 2018-2021 van de Marnix Academie Met lef samen werken aan toekomstgericht onderwijs.

Het lectoraat geeft mee vorm aan onderzoek dat past bij zichtlijn 1 van de Radiant Onderzoeksprogrammering: Toekomstgericht Onderwijs.

Het lectoraat participeert in het Europese Ukids project. Hierin ontwikkelen lerarenopleiders, basisschoolleerkrachten en studenten uit Oostenrijk, Hongarije, Finland, Denemarken, Portugal en Nederland gezamenlijk al onderzoekend programmaonderdelen voor het implementeren van sociaal ondernemerschap in het curriculum van lerarenopleidingen en basisscholen.

Samenwerking

In het nieuwe lectoraat Toekomstgericht Onderwijs wordt samengewerkt met drie pabo’s van Radiant Lerarenopleidingen: Hogeschool iPabo, Hogeschool de Kempel en Iselinge Hogeschool.

Master

De vier samenwerkende Radiant Lerarenopleidingen ontwikkelen een nieuwe masteropleiding. Lector Stella van der Wal-Maris zal optreden als academic director van de masteropleiding en is daarmee verantwoordelijk voor de inhoud en borging van het niveau van de opleiding. 

Over de lector

Stella van der Wal-Maris is sinds 1991 verbonden aan de Marnix Academie. Zij startte als docent rekenen-wiskunde. Haar interesse in leren, evalueren, curriculumontwikkeling en onderwijsinnovatie maakte onder meer dat ze programmaleider toetsing is geweest en dat ze aan de wieg stond van de academische pabo van de Marnix academie. Later begon ze aan een promotietraject met als centraal thema: leren en de rol van de leeromgeving. In 2017 is zij gepromoveerd op het leren van studenten in academische pabo-trajecten.
Bekijk het Linkedin-profiel van Stella.

Publicaties

Rigg, E., & van der Wal-Maris, S. (2020). Student Teachers’ Learning About Social Entrepreneurship Education – A Dutch Pilot Study in Primary Teacher Education, Discourse and Communication for Sustainable Education11(1), 41-52, doi: 10.2478/dcse-2020-0005.

Lectorale rede van Stella van der Wal-Maris, uitgesproken op 10 mei 2019

(How to) challenge primary school students to be social entrepreneurs
Van der Wal-Maris, S. J., Mol, K. & Laane, T. (2018). Workshop held at EAPRIL conference, 11-14 November, Portoroz, Slovenia.

Verslag EAPRIL 2018, Slovenië

Het lectoraat Leren en Innoveren doet onderzoek naar thema's die van belang zijn binnen het hoofdthema 'leren en innoveren' en is direct verbonden met de gelijknamige Master Leren en Innoveren (MLI). Het onderzoeksprogramma van het lectoraat wordt verricht door een kenniskring bestaande uit een Radiantvertegenwoordiging, aangevuld met externen en in samenwerking met het werkveld. Naast haar eigen onderzoeksprogramma  adviseert en faciliteert het lectoraat vernieuwing binnen de eigen instelling en in het verlengde daarvan de partneractiviteiten die verbetering van het onderwijs en de sector als geheel voor ogen hebben. Het lectoraat functioneert daarmee, naast onderzoekseenheid ook als kennisdrager binnen het Marnix Innovatiecentrum.

Het onderzoek

Het onderzoekprogramma richt zich op het eigen maken van innovatie in de brede zin van het woord. Het  laten landen van innovatie, duurzame borging en het ontwikkelen van een innovatieklimaat zijn daarin sleutelwoorden. Het programma zoekt aansluiting bij de  vastgestelde zichtlijnen van het onderzoekkader ‘Passend meesterschap’ van de Radiant hogescholencluster; bij de thema’s ‘diversiteit’ en ‘toekomstgericht onderwijs’; bij lopende vernieuwingspraktijken en bij de andere lectoraten van Radiant en Penta Nova.

Over de lector

Arienne van Staveren is per 1 augustus 2018  benoemd als lector Leren en Innoveren aan de Marnix Academie in Utrecht. Op 26 september 2019 hield zij haar lectorale rede. De lector is ook academic director van de masteropleiding Leren en Innoveren. Arienne is in 2007 gepromoveerd op ‘leren samenwerken bij veranderen en innoveren’. Sinds een aantal jaren is ze werkzaam in de master Leren en Innoveren als docent innovatie en daarnaast heeft zij ook een belangrijke bijdrage geleverd aan de herziening van het programma van de master. Het lesgeven in de masteropleiding blijft onderdeel van haar werk. Arienne was jaren bestuurder van het Landelijk Expertisecentrum Sociale Interventie. Het expertisecentrum heeft een eigen academische master. Eerder was ze ruim 10 jaar verbonden aan Sioo, interacademiaal centrum voor organisatie en veranderkunde.

Lees hier de lectorale rede.

 

De onderzoeksgroep

De onderzoeksgroep is nog in ontwikkeling en zal bestaan uit een MLI Radiant-vertegenwoordiging en een aantal externe veranderkundigen. De onderzoeksgroep zal lopende het lectoraat in ontwikkeling blijven.

Onderwijs

Het lectoraat is gekoppeld aan de masteropleiding Leren en Innoveren. Met de Master Leren en Innoveren ontwikkelen studenten de kwaliteiten die noodzakelijk zijn om een veranderings- of  innovatieproces in de school te starten en te begeleiden.

www.lereneninnoveren.nl

Samenwerking

Het lectoraat en de masteropleiding Leren en Innoveren zijn ontwikkeld door de Marnix Academie en hogescholen van het samenwerkingsverband Radiant Lerarenopleidingen. Dit samenwerkingsverband van pabo's heeft onder meer als doelstelling om krachten te bundelen op het terrein van opleiding en onderzoek. De lector heeft haar kantoor op de Marnix Academie.

Eerder onderzoek en publicaties

  • Actieonderzoek Radicale vernieuwing verpleeghuiszorg ( vanaf 2017- 2019) in opdracht van Surplus en Sensire (van Staveren, LESI)
  • Prezo Care, ontwikkeling van nieuwe kwaliteitsaudit langdurige zorg, vanaf 2017, in opdracht van Perspekt (van Staveren, Sensework)
  • Ex durante evaluatieonderzoek O, Verlorene waar zijt gij (2018), vroegsignalering verwarde daklozen in opdracht van Stichting Onderdak (van Staveren, LESI)
  • Ex post Evaluatieonderzoek Na in Voor zorg (2017) in opdracht van Vilans (van Staveren, Verwey, Bosboom, Smid/ Sioo)
  • Verkennend onderzoek werkpraktijk Schoolleiders in het Primair Onderwijs (2013-2014) (Van Staveren, Runia, PO-raad/ LESI)
  • Verkennend onderzoek werkpraktijk Schoolleiders in het Voortgezet Onderwijs (2015) (Van Staveren, VO-Raad/ LESI)
  • Verkennend onderzoek naar kwaliteitsbewustzijn en externe verantwoording in de langdurige zorg (2014-2015) (in opdracht van ActiZ /LESI) (Van Staveren, Runia)
  • Begeleiding onderzoeksprogramma verantwoording in de zorg  (2013-2015) (Van Staveren, Runia, ActiZ/LESI)
  • Actieonderzoek verbetering samenwerking in de keten jeugd, veiligheid en zorg (2008 2009) (Boonstra, Van Staveren)
  • Actieonderzoek Voorbeeldige Jeugdzorg, Jeugdformaat (2010-2012) (Boonstra, Van Staveren)
  • QuickScan /Verkenning Kinderen in het veiligheidsdomein in de kop van Noord-Holland (2014) (Van Staveren, Vermaak) 
  • Promotieonderzoek naar leren samenwerken bij veranderen en innoveren (2002-2007) (van Staveren)
  • Vierde Generatie Onderzoek naar werkwijzen van systeeminnovatie bij EZ / Innovatie Voedsel en Natuur (2005-2007) (Grin, Van Staveren)
  • Artikel in M&O: Creativiteit en Macht, Wolters Kluwer (2012) (Van Staveren, A.)    

Contact

Wil je meer weten over het lectoraat Leren en Innoveren? Neem dan contact op met Arienne van Staveren: a.vanstaveren@hsmarnix.nl

Promovendi

Promotieonderzoek

'Samenwerking van leraren in het basisonderwijs met ouders aan opvoeding'

Aanleiding voor het onderzoek
Er is de laatste jaren veel onderzoek gedaan naar de samenwerking van leraren met ouders. Vaak is dat onderzoek gericht op het verbeteren van de leerprestaties van kinderen. De samenwerking tussen leraren en ouders blijkt leerprestaties te kunnen bevorderen. Het promotieonderzoek ‘Samenwerken met ouders aan opvoeding’ gaat uit van het idee dat leraren niet alleen bijdragen aan het cognitief leren, maar ook aan de persoonlijke ontwikkeling van kinderen. Leraren in het basisonderwijs trekken lange tijd op met de leerlingen en begeleiden hen dagelijks. De manier waarop leraren omgaan met kinderen en de inhoud van hun lessen zijn niet waardevrij. Kohlberg zei al in 1977: “In het handelen van de leerkrachten en in de lesstof wemelt het van de waarden.” Onbewust dragen leraren dus bij aan de opvoeding. Daarnaast gebeurt dat ook bewust, denk aan lessen sociale vaardigheid, burgerschap en/of levensbeschouwing. 
Met toenemende diversiteit en individualisering in onze samenleving, speelt het onderwerp opvoeding ook een rol in het onderwijsdebat. Het EU-onderzoek ‘Teaching common values’ (Veugelers, de Groot en Stolk, 2017) is daar een voorbeeld van. Beleidsmakers vragen zich af hoe scholen kunnen bijdragen aan het bevorderen van sociale samenhang in de samenleving en de waardering van diversiteit. Het is dan ook opmerkelijk dat er nog niet zoveel onderzoek gedaan is naar het samenwerken van leraren met ouders op dit gebied. 

Doel en onderzoeksvraag
In de Nederlandse context van diversiteit en individualisering kunnen leraren en ouders verschillende overtuigingen hebben ten aanzien van opvoeding. Op de partnerscholen van de Marnix Academie komen we allerlei voorbeelden hiervan tegen. Een leraar: “Om 10 uur eten we altijd fruit in de klas. Eén leerling heeft altijd een boterham bij zich. Ik vind het jammer dat hij op deze manier de kans mist om fruit te leren eten.” Een andere leraar: “Mijn leerlingen uit groep 5 doen mee met de Ramadan. Zij missen daardoor zoveel voeding en slaap, dat ze zich niet kunnen concentreren in de klas”. Een ouder: “Mijn zoontje zit bij de kleuters en wordt regelmatig even op de gang gezet om na te denken over zijn gedrag. Persoonlijk vind ik dat geen goede aanpak.” Zulke situaties vragen om ontmoeting, samenwerking tussen ouders en leraren. Dit onderzoek bestudeert wat er nodig is om als leraar samen te werken met ouders in het belang van de persoonlijke ontwikkeling van het kind. In het onderzoek staat de volgende vraag centraal: Hoe kunnen leraren in het basisonderwijs (professionaliseren voor het) samenwerken met ouders aan opvoeding? 

Aanpak
Allereerst vindt een literatuuronderzoek plaats, om erachter te komen wat er in de internationale, wetenschappelijke  literatuur al bekend is over het onderwerp. Daarnaast worden brieven van leraren verzameld over het samenwerken met ouders aan opvoeding: welke situaties komen leraren tegen en hoe gaan ze met deze situaties om? Ook worden eerstejaars studenten van de lerarenopleiding basisonderwijs bevraagd door middel van een vragenlijstonderzoek: hoe denken zij over het samenwerken met ouders aan opvoeding, welke situaties komen zij tegen in hun stage en wat vinden zij daarvan? Een vierde deelonderzoek bestaat uit het observeren van collegiale reflectie van leraren op het samenwerken met ouders aan opvoeding. Wat komen leraren tegen, hoe denken zij daarover, wat zouden ze anders willen en wat levert het op om dat eens uit te proberen en daarop te reflecteren met collega’s? In deze fase worden ook ouders geïnterviewd. Als van al deze vier deelonderzoeken de opbrengsten zijn samengebracht, worden deze resultaten voorgelegd aan lerarenopleiders uit opleiding en praktijk. In deze zogeheten focusgroepen, denken de opleiders samen na over wat de resultaten betekenen voor het opleiden van leraren. 

Planning 
Het onderzoek is in november 2015 officieel van start gegaan. Eind 2020, begin 2021 wordt het onderzoek afgerond. 

Betrokkenen
Dit onderzoek wordt uitgevoerd door Mirjam Stroetinga, senior-adviseur bij het Marnix Onderwijscentrum. Begeleiding vindt plaats vanuit de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht: Wiel Veugelers is de promotor; Yvonne Leeman de co-promotor.

Meer informatie? Mail naar m.stroetinga@hsmarnix.nl 

Lees ook het interview met Mirjam Stroetinga over haar promotie-onderzoek.

Onderzoeksprojecten

De subsidie voor een pilot werkplaats onderwijsonderzoek is toegekend. Dit is een samenwerking tussen drie grote Utrechtse schoolbesturen voor primair onderwijs (KSUPCOU en SPO Utrecht), de Utrechtse hogescholen met een lerarenopleiding voor primair onderwijs (Hogeschool Utrecht, Marnix Academie), Hogeschool voor de Kunsten UtrechtUniversiteit Utrecht en de Universiteit voor Humanistiek.

In Utrecht bestaat al jaren  een  praktijk van samenwerking onder de  gezamenlijke regie van de stuurgroep van de Utrechtse Onderwijsagenda waarbij de voorgestelde werkplaats onderwijsonderzoek wordt aangehaakt. De Werkplaats Onderwijsonderzoek Utrecht (WOU) moet een structurele, duurzame verbinding leggen tussen professionals uit de onderwijspraktijk, de hogescholen en de universiteiten. Doel van de samenwerking binnen dit netwerk is de ontwikkeling van een onderzoekscultuur die eraan moet bijdragen dat leerkrachten meer “evidence informed” gaan handelen waarvan positieve effecten op de kwaliteit van het onderwijs worden verwacht.

WOU-teams

De Marnix Academie participeert van 2018 tot 2020 in de volgende WOU-teams:

  • Hoe kan OBS Tuindorp educatief partnerschap goed vormgeven en implementeren?
  • De Kleine Vliegenier: Ouderbetrokkenheid versterken ten behoeve/in directe relatie met de leerresultaten
  • Van Asch van Wijckschool: Welke leerkrachtvaardigheden zijn nodig om de executieve functies ‘volgehouden- en uitgestelde aandacht’ te ontwikkelen bij kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar?

Andere onderzoeksgroepen

  • De Pijler en de Beatrixschool: Onderzoek naar nieuwe organisatievormen
  • Ontwikkel-/onderzoeksgroep nieuw op te zetten school in Haarrijn

Onderzoek met basisscholen

Wat is een leerwerkgemeenschap?

In een leerwerkgemeenschap werken leerkrachten van een partnerschool, student(en) en een docent van de Marnix Academie samen aan een onderzoeksvraag binnen het ontwikkelthema  van de partnerschool.  Het begrip leerwerkgemeenschap komt voort uit de organisatiekunde en met name uit de discipline van de veranderkunde. Het is een gereedschap dat een organisatie kan gebruiken om te komen tot vernieuwing. Binnen het partnerschap wordt de definitie van communities of practice van Etienne Wenger gehanteerd. Hij beschrijft dat leerwerkgemeenschappen bestaan uit een groep mensen/professionals die met betrekking tot hun werk een gezamenlijke passie of zorg hebben. Zij zijn samen op zoek naar verbetering, vernieuwing, oplossen van vraagstukken en dergelijke.  Zij doen dit onder andere door elkaar te ontmoeten, te leren en te experimenteren.

Uitgangspunten en kenmerken

  • Een leerwerkgemeenschap is dynamisch wat betreft de deelnemers. Deelnemers kunnen na een bepaalde periode vertrekken en nieuwe mensen kunnen gaan deelnemen. Nieuwe deelnemers beginnen aan ‘de rand’ van de leerwerkgemeenschap en groeien daar langzaam in;
  • Het leren wordt gezien als een sociaal proces, denk ook aan sociaal constructivisme;
  • Het is belangrijk dat de mensen diverse achtergronden hebben. Zo wordt met elkaar nieuwe kennis ontwikkeld;
  • De deelnemers hebben een gezamenlijk doel;
  • De groep wordt ondersteund door leidinggevenden;
  • Producten worden ook buiten de leerwerkgemeenschap gedeeld;
  • Het is van belang dat de deelnemers elkaar goed kunnen bereiken;

Het is van belang dat er gezamenlijke activiteiten ontwikkeld worden. Met elkaar doen is een belangrijk aspect.

Fasen

Er worden verschillende fasen doorlopen in een leerwerkgemeenschap:

  1. Gezamenlijke ambitie bepalen en daar ook echt de tijd voor nemen. Gezamenlijke ambitie is van de gehele organisatie of van een team;
  2. Informatie verzamelen (op onderzoeksmatige manier), bijvoorbeeld: studeren, onderzoeken, experimenteren, naar andere organisaties, conferentie of studiedagen, etcetera;
  3. Met elkaar betekenis geven aan de informatie, in de leerwerkgemeenschap maar ook naar de betrokken organisatie;
  4. Consequenties hieraan verbinden. Wat betekent dit voor de betrokken organisaties/mensen?
  5. Welke acties gaan we uitvoeren?
  6. Evaluatie, zowel product als ook het proces. Hoe hebben we met elkaar gewerkt?

Welke leerwerkgemeenschappen zijn er? 

Er zijn momenteel meer dan 70 leerwerkgemeenschappen waar met elkaar onderzoek uitgevoerd wordt rondom onderwijskundige, pedagogische, maatschappelijke en/of levensbeschouwelijke vraagstukken van de partnerschool.  Voorbeelden hiervan zijn: passend onderwijs, wetenschap en techniek, leren in de 21e eeuw, Early English, burgerschap en identiteit, verantwoordelijk leren en betrokkenheid van leerlingen, Hoe wordt ons team een topondernemer met ‘topondernemers’, duurzaamheid, social media, ouderbetrokkenheid, professionele cultuur en identiteit, taakgericht gedrag van kinderen, etc..

Kan iedereen meedoen?

De keuze om wel /niet een leerwerkgemeenschap te starten ligt bij de school. Als student kun je daar in overleg aan deelnemen of word je gevraagd deel te nemen. Als docent kun je aan de hand van een jaarlijks overzicht aangeven  aan welke leerwerkgemeenschap je deel zou willen nemen.

Meer weten of heb je een vraag? Neem dan contact op met Annette Schaafsma