Leerlijn digitale geletterdheid bij Proceon Scholengroep
Op onderzoeksmatige wijze is er een leerlijn digitale geletterdheid ontwikkeld voor Proceon Scholengroep. Daarnaast is er een start gemaakt met de implementatie hiervan.
In het kort
CBS Coolsma beschikt over een innovatieve beweegvloer die bewegend leren stimuleert, maar nog onvoldoende wordt benut. In dit praktijkgerichte onderzoek is onderzocht hoe de vloer doelgericht ingezet kan worden binnen de onderbouw. Het resultaat: concrete aanbevelingen voor meer draagvlak, routine en effectiviteit.
Christelijke basisschool (CBS) Coolsma heeft geïnvesteerd in een innovatieve Springlab beweegvloer om leerlingen spelenderwijs te laten leren door te bewegen. In theorie draagt bewegend leren bij aan een betere concentratie, hogere motivatie en zelfs verbeterde leerprestaties. In de praktijk bleek echter dat de beweegvloer op school weinig werd gebruikt. Dit riep de vraag op: hoe kunnen we ervoor zorgen dat deze waardevolle onderwijsvoorziening beter wordt ingezet?
Het onderwerp is gekozen omdat het aansluit bij actuele onderwijsthema’s zoals bewegend leren, digitalisering en passend onderwijs. Bovendien biedt het onderzoek de kans om concrete ondersteuning te bieden aan een bestaande onderwijspraktijk.
We willen met dit onderzoek achterhalen hoe de beweegvloer doelgericht, effectief en duurzaam ingezet kan worden binnen de visie en werkwijze van CBS Coolsma. Daarbij is onderzocht wat bewegend leren inhoudt, hoe andere scholen de Springlabvloer gebruiken, wat de visie van CBS Coolsma is, en hoe draagvlak onder het team gecreëerd kan worden. Op basis van interviews, observaties en literatuurstudie zijn praktische aanbevelingen geformuleerd waarmee de school zelfstandig verder kan. Het doel is dat de beweegvloer daadwerkelijk bijdraagt aan betekenisvol leren voor jonge kinderen, en een vaste plek krijgt binnen het onderwijsaanbod.
Bekijk hier een filmpje over de Springlab beweegvloer:
De hoofdvraag waar we ons in dit onderzoek op gericht hebben is: Hoe kan CBS Coolsma de Springlabvloer zo optimaal mogelijk inzetten voor groep 1 t/m 4 en remedial teaching (RT) binnen haar visie op Bewegend leren?
Het onderzoek heeft zich daarbij gericht op verschillende deelvragen:
Voor dit praktijkgerichte onderzoek is gekozen voor een aanpak die goed aansluit bij de dagelijkse realiteit van CBS Coolsma. De opzet bestaat uit meerdere fasen. Allereerst is er een literatuurstudie uitgevoerd naar de werking en meerwaarde van bewegend leren en een studie naar het gebruik van de Springlabvloer op andere scholen. Vervolgens zijn diverse kwalitatieve en kwantitatieve methoden ingezet om de situatie op CBS Coolsma in kaart te brengen.
De verschillende onderzoeksinstrumenten die in dit onderzoek zijn ingezet:
Door deze gecombineerde aanpak zijn zowel praktijkervaringen als onderliggende visies en data verzameld. Dit heeft geleid tot concrete aanbevelingen en een breed gedragen advies voor structurele en betekenisvolle inzet van de beweegvloer.
Bij aanvang van het onderzoek waren er verschillende verwachtingen over de mogelijke uitkomsten en effecten van het vergroten van het gebruik van de Springlab beweegvloer op CBS Coolsma.
Allereerst werd verwacht dat door de toename in inzicht en begeleiding, het gebruik van de beweegvloer zou toenemen en beter zou aansluiten bij de onderwijsdoelen van CBS Coolsma. Leerkrachten hoopten dat de vloer niet alleen vaker, maar vooral doelgerichter ingezet kon worden, bijvoorbeeld ter ondersteuning van taal- en rekenonderwijs. Daarnaast werd verwacht dat leerlingen meer plezier in leren zouden ervaren door de afwisseling van beweging en instructie, wat hun motivatie en concentratie ten goede zou komen.
Ook was er de verwachting dat het team van CBS Coolsma meer eigenaarschap zou ontwikkelen over het gebruik van de vloer.
Uit het onderzoek blijkt dat de Springlab beweegvloer op CBS Coolsma met goede intenties is aangeschaft, maar in de praktijk onvoldoende en niet doelgericht wordt ingezet. Hoewel leerkrachten positief zijn over bewegend leren, ontbreekt het aan tijd, kennis en routine om de vloer effectief te gebruiken. Een belangrijk knelpunt is het ontbreken van een schoolbrede, expliciete visie op bewegend leren. Hierdoor ontbreekt samenhang in het gebruik en verschilt de inzet van de vloer sterk per leerkracht.
Daarnaast vormt de beperkte aanpasbaarheid van de lessen op de Springlabvloer een obstakel. Leerkrachten kunnen geen eigen spellen of inhoud toevoegen die aansluiten op hun actuele lesdoelen. Hierdoor wordt de vloer eerder gezien als een aanvulling of ‘extraatje’ dan als een volwaardig didactisch middel. Dit belemmert structurele en betekenisvolle integratie in het lesprogramma.
Toch laat het onderzoek ook positieve ontwikkelingen zien. Door het geven van instructies aan leerkrachten en leerlingen, het uitleggen van de leerdoelenwaaier en het inzetten van bovenbouwleerlingen als begeleiders, nam het gebruik en de betrokkenheid toe. Leerkrachten gaven aan zich competenter te voelen en meer mogelijkheden te zien.
Op basis van de interviews, observaties, interventies en data zijn er zes concrete aanbevelingen geformuleerd:
Zo wordt de vloer niet alleen vaker, maar ook gerichter ingezet – ondanks de beperkingen. Het onderzoek levert daarmee waardevolle inzichten op voor het duurzaam benutten van bewegend leren binnen CBS Coolsma.
”Stel je voor: een innovatieve beweegvloer die leerlingen helpt beter te leren – en die niet ongebruikt blijft liggen maar ook echt zinvol ingezet wordt.”