Home » Nieuws
Nieuwsoverzicht

Mariska Jansen neemt na 25 jaar afscheid

Mariska Jansen werkt 25 jaar bij de Marnix Academie. Een van de hoogtepunten was het opzetten van het partnerschap met de stagescholen: Partners in Onderwijs en Ontwikkeling. Nu is voor haar de tijd gekomen buiten de Marnix Academie verder te gaan. “Ik heb hier een prachtige tijd gehad.”

Mariska Jansen neemt na 25 jaar afscheid

Hoe kwam je bij de Marnix Academie terecht?

Voordat ik bij de Marnix Academie kwam, werkte ik als docent en stage-coördinator bij de accountantsopleiding van het ministerie van Financiën. Ik gaf onder andere trainingen in onderhandelen, maar ook in argumenteren. Daarnaast gaf ik mentoren-trainingen aan accountants die studenten begeleidden op de werkplek. Leuk werk, maar toch miste ik na een aantal jaren iets… Als kind wilde ik juf worden en dat gevoel bleef terugkomen. Toen ik de advertentie van de Marnix Academie zag, schreef ik een brief en werd aangenomen.

Had je destijds gedacht dat je hier 25 jaar zou werken?

Toen ik bij de Marnix Academie kwam werken, dacht ik wel: dit is mijn droomorganisatie. Inhoudelijk en qua sfeer. Er waren veel mogelijkheden en de sfeer was open, warm, transparant en confronterend tegelijk.

Wat motiveerde jou al die tijd?

Het onderwijs zelf. Ik wilde meehelpen om goed onderwijs te maken en te geven. En daarbij heb ik altijd een diep geloof en vertrouwen gehad dat goed opleidingsonderwijs alleen mogelijk is als we dit in nauwe relatie met de praktijk vorm en inhoud geven. Op de accountantsopleiding gaf ik altijd les samen met iemand uit de praktijk: een fiscalist of een accountant. Het zou mooi zijn als we ook op de pabo steeds meer echt samen onderwijs gaan geven.

Noem eens een moment dat je het meest is bijgebleven.

Ik denk dan aan mijn reizen naar Afrika waar ik studenten bezocht en waar ik onderwijs gaf aan docenten van lerarenopleidingen. Maar ook het ontwikkelen en uitvoeren van nascholingen voor schoolleiders, en later, in het kader van het partnerschap, de trainingen voor ico’s en mentoren.

Je hebt heel veel verschillende dingen gedaan binnen de Marnix Academie. Welk aspect ligt jou het meest?

Het supervisie geven aan studenten en het begeleiden van studenten. Dat heb ik ook altijd van studenten teruggekregen. Maar ook het onderwijzen. Ik heb zo genoten van de train-de-trainer-cursussen waarin we echt op maat werkten en met elkaar als groep optrokken. Ik zag daar hoe ico’s goede trainers werden en de inhouden verinnerlijkten. Wat me niet ligt is de digitalisering, ook omdat ik niet echt geloof dat de kwaliteit van onderwijs hierdoor beter wordt…

Je begon tien jaar geleden met de ontwikkeling van Partners in Onderwijs en Ontwikkeling. Hoe raakte jij daar zo bij betrokken?

Het College van Bestuur vroeg mij in 2006 of ik een project wilde leiden met als doel: de verantwoordelijkheid voor het opleiden van studenten delen met de stagescholen. De opdracht was om in vier jaar tijd alle studenten op een partnerschool hun stage te laten doen. We streefden naar 250 scholen en gemiddeld vijf studenten per school. Op dat moment hadden we 900 stagescholen in ons adressenbestand.

Het was een langdurig proces. Hoe heb jij dat ervaren?

Er kwam een diepgaande cultuurverandering bij kijken. Meer dan 100 jaar was het zo geweest dat de pabo-docenten bepaalden wat de studenten in de praktijk moesten doen. De mentoren tekenden als het ware de opdrachten af. Toen we begonnen met het partnerschap schaften we alle praktijkopdrachten af. We spraken met elkaar af dat de context van de stageschool, de groep, en de leerbehoefte en studiefase van de student bepalend zouden zijn voor de precieze inhoud van de stage. En alle  betrokkenen vonden het van belang dat de ico’s en de mentoren wisten hoe het programma op de pabo eruit zag. We hadden heldere afspraken en de 50 basisscholen waar we mee begonnen waren heel enthousiast. Een jaar later waren dat er al 150. Ik had van tevoren niet verwacht dat het zo snel zou gaan.  
Niet veel later begonnen we op de Marnix Academie ook voorzichtig met onderzoek doen in de minoren; onderzoek dat aansloot bij een vraag uit de praktijk.

Is het doel nu, tien jaar later, bereikt?

Het doel ‘samen verantwoordelijkheid dragen voor goed onderwijs’ is denk ik grotendeels bereikt. Wat ik jammer vind is dat het grensoverschrijdend werken, zoals we dat als idealisten in de eerste jaren zagen, niet goed van de grond is gekomen. Daarmee bedoel ik: echt samen onderwijs geven, bijvoorbeeld op het domein van oudergesprekken of vernieuwende pedagogiek en didactiek. Samen praktijkgericht onderzoek doen is wel gerealiseerd in de Research & Designgroepen. Daarin werken we echt samen. 

Je werkt nu 25 jaar bij de Marnix Academie? Waarom heb je besloten weg te gaan?

Zowel in mijn privéleven als op de Marnix Academie vonden er zo’n twee jaar geleden ingrijpende gebeurtenissen plaats die maakten dat ik over mijn leven nadacht en ook nadacht over wat ik graag zou willen. Van daaruit heb ik besloten mezelf de ruimte te geven om als zelfstandige een bijdrage te blijven leveren aan mooi en goed onderwijs en mensen te ondersteunen die vanuit persoonlijk leiderschap en zingeving willen leven en werken.

Hoe denk jij straks terug aan de Marnix Academie?

Aan de Marnix denk ik met gevoelens van dankbaarheid terug. Ik heb hier een prachtige tijd gehad. Er werken vele mooie, deskundige mensen; ieder op zijn eigen domein.