De minorfase vormt het tweede deel van je studie en staat voor verdieping, onderzoek en specialisatie. Je volgt drie of vier minors, waarbij de minor onderwijszorg en een vakminor (taal, rekenen, et cetera) verplicht zijn. In de laatste fase van je studie kies je weer één vakminor en daarnaast een profileringsminor:
-
onderwijskundig leiderschap
-
voor- en vroegschoolse educatie
-
tienerminor
-
cultuur & identiteit
(De minor gaat door bij minimaal tien aanmeldingen.)